Organigram GVT De Troon


organigram


Visie en Objectieven geconcretiseerd voor GVT De Troon

>>Download hier "Visie en Objectieven geconcretiseerd voor De Troon" in PDF formaat<<

1. T.a.v. opgenomen bewoners

"Wat ik niet kan… krijg ik. Wat ik kan…geef ik" (zr Aleydis)

De (ontstaan)geschiedenis van De Troon, de in het tehuis voor werkenden opgenomen populatie, hun eigen levensgeschiedenis, hun gevormde persoonlijkheden zijn samen verantwoordelijk voor de heel eigen zorgvraag van de begeleidingsafhankelijk gebleven bewoners van het tehuis voor werkenden.
In het tehuis voor niet-werkenden worden niet alleen personen opgenomen met een vraagstelling complementair aan de populatie van het tehuis voor werkenden. Door de loyale medewerking aan de 'centrale zorgregistratie' en het afstemmen van het opnamebeleid, is de vraagstelling van de opgenomen bewoners voor het tehuis niet-werkende heel divers. (Gezien het criteria van hoogst dringendheid bij nieuwe opnames doorslaggevend is geworden.)
Een christelijke inspiratie en liefdevolle grondhouding, gekenmerkt door persoonlijke betrokkenheid, onvoorwaardelijk respect voor de cliŽnt en zijn gezin, gelijkwaardigheid en acceptatie, vormen het fundament van de zorg en begeleiding.
We willen blijven werken in de geest en naar de bedoeling van de stichteres, Zr. Aleydis. Zij wou vanuit haar inleving in mensen met een verstandelijke handicap die een langer verblijf in een psychiatrische instelling achter de rug hadden hen zoveel mogelijk het 'gewone menselijke geluk' gunnen. Hierbij was voor Zr. Aleydis "wat ik niet kan… krijg ik. Wat ik kan… geef ik." het leidmotief.
Om gelukkig te kunnen zijn moeten bewoners zoveel als ze (aan)kunnen zelfstandig (autonoom) kunnen zijn. Hiervoor hebben ze privacy en een eigen leefruimte nodig. Als mensen niet alles alleen afkunnen hebben ze anderen en/of een gemeenschap nodig waarop ze beroep kunnen doen. Hiervoor zijn gemeenschappelijke leefruimtes en ondersteunende begeleiding vereist.
Beiden zijn essentieel maar toch niet het belangrijkste. Alleen de 'genegenheid' en de 'liefde' zijn in staat een mens echt gelukkig te maken. De bewoners moeten Gods liefde, in mensengestalte en mensenmaat, kunnen ervaren.

Doelgroep

De Troon biedt, mannen en vrouwen die door een handicap niet zelfstandig kunnen wonen en/of leven, integrale woonopvang en levenslange begeleiding aan. Ongeacht wat hier de reden van mag zijn: verkleinen of wegvallen van het eigen sociaal netwerk, hygiŽne, gezondheid, toegenomen verzorgingsnood, levenskwaliteit, psychische toestand ('geluk'), nood aan structuur, dreigende vereenzaming,…
Bijkomende handicaps (stoornis uit autismespectrum, niet aangeboren hersenletsel, fysieke, sensoriele of psychische handicap,…) vormen geen uitsluitingcriteria voor opname en ondersteuning.
Voor personen uit Vorselaar en/of de nabije omgeving, die binnen de doelgroep van het tehuis passen en waarvoor (blijven) wonen in de eigen omgeving een bijzondere betekenis heeft, worden extra inspanningen gedaan.
De landelijke en de dorpse inplanting en het nabuurschap met een klooster zijn factoren die belangrijk kunnen zijn in de eventuele keuze van een gebruiker om in de Troon te komen wonen.

Objectieven

Centraal doel in de begeleiding van iedere cliŽnt is het nastreven van een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven. Wat inhoudt dat de bewoners in de mate van het nodige (en gevraagde) ondersteund worden zodat ze een leven kunnen leiden zoals ze dat zelf het liefst willen. Een goede kwaliteit van leven wordt bereikt als er persoonlijke voldoening is op verschillende domeinen : emotioneel welbevinden (voldoening, zelfconcept, vrij van stress,…), interpersoonlijke relaties (familie, sociale netwerken, ondersteuning), materieel welbevinden (financiŽle situatie, huisvesting, dagbesteding, vrijetijdsbesteding), persoonlijke ontplooiing (persoonlijke competenties en prestaties, vorming), lichamelijk welbevinden (gezondheid , activiteiten dagelijks leven), zelfbepaling ((on)afhankelijkheid, keuzemogelijkheden, persoonlijke doelen), sociale inclusie (maatschappelijke integratie en participatie, rollen, ondersteuning) en rechten (mensen- en burgerrechten).

De mogelijkheden van de cliŽnt (en zijn netwerk) bepalen de graad van zelfstandigheid, zelfontplooiing en maatschappelijke integratie. Kwaliteit van leven betekent dat bewoners zoveel mogelijk zelf vorm en inhoud (kunnen) geven aan hun eigen bestaan (zelfbepaling), dit volgens de algemene menselijke basisbehoeftes, en waar het kan in gewone leefomstandigheden en volgens gewone leefpatronen (inclusie). Dit alles zo dat de bewoners zelf tevreden kunnen zijn met hun bestaan. Hierbij wordt over 'ondersteuning' gepraat : bewoners worden ondersteund in dit proces van inclusie, zelfbepaling en het optimaliseren van de kwaliteit van leven. Ondersteuning is individueel en flexibel : iedere persoon heeft een andere ondersteuningsnood. Deze varieert bij iedereen gedurende de levensloop.

Eigen aan de werking is dat deze vraaggestuurd probeert in te spelen op ieders eigen levensverhaal en vraagstelling. Bewoners zijn 'volwaardige burgers' die binnen hun eigen mogelijkheden zoveel mogelijk zelf de regie voeren in hun eigen leven. Met eventuele weerstand van bewoners en/of hun omgeving wordt respectvol omgegaan. Het is een behoedzaam aftasten en zoeken waar de grens ligt tussen nodige en overbodige tegemoetkoming.

Individuele benadering van de bewoners neemt in de werking een centrale plaats in. Uitgangspunten hierbij zijn: gelijkwaardigheid en emancipatie. Er wordt gewerkt naar inzicht en bewustwording bij bewoners en hun omgeving. Waar mogelijk geven de bewoners zelf vorm en inhoud aan hun leven. Door hen zelf keuzes te laten maken en/of dit (opnieuw) te leren. Met begrip en waar nodig met tegemoetkoming aan de onzekerheid en spanning die dit bij iemand kan teweegbrengen, wordt er gestreefd naar verdere ontplooiing. Gelovend in hun kracht dat ze, zonodig met steun, hun eigen lot (weer) in handen kunnen nemen en houden. Maar met respect als hen dit nog niet of (even) niet meer lukt. Personen die desondanks de veilige afhankelijkheid van begeleiding blijven vragen, worden gerespecteerd. Voor een aantal bewoners en/of voor een aantal levensdomeinen is de afhankelijkheid immers in die mate geÔnstalleerd en/of noodzakelijk dat deze bewoners er niet meer uit weg kunnen of willen. Het blijft steeds zoeken naar het evenwicht tussen zelfstandigheid en ondersteuning. Wanneer de 'omgeving' de emancipatie van een bewoner in de weg staat wordt getracht deze te begeleiden zodat de bewoner de ruimte krijgt voor de (zelf)ontplooiing die hij/zij aankan.

Het moeilijkst is te weten wanneer een begeleidingsteam kan/moet ingaan tegen de eigen keuzes van bewoners. (Wanneer de gezondheid wordt bedreigd?, als het om hygiŽne gaat?, als het om zaken gaan die de integratie in de groep en/of inclusie in de weg staan?,…)

Ondersteuning wordt bij voorkeur gegeven aanvullend aan en in samenwerking met het eigen sociale netwerk. Waar de opvang van het eigen netwerk tekortschiet wordt het professionele vangnet aangesproken. Waar mogelijk zal dit het eigen netwerk steunen, versterken of herstellen.
Er moet wel rekening mee gehouden worden dat er ook bewoners zijn die door leeftijd en/of levensgeschiedenis nauwelijks nog kunnen terugvallen op een eigen netwerk.

Eigen aan de werking is dat er voor de bewoners vaak op zoek moet gegaan worden naar een aanbod aan activiteiten en kansen om de kwaliteit van hun leven te verhogen. Dit zowel extern (aanbod aan activiteiten door professionele of vrijwilligersorganisaties al dan niet voor personen met een handicap) als intern (zelf een aantal activiteiten organiseren en aanbieden).

Gezien de kleinschaligheid van de voorziening is er slechts een beperkt aantal disciplines opgenomen in het personeelskader. Wanneer het nodig is voor een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven wordt een beroep gedaan op "externe specialisten".
Met deze personen streven we naar een constructieve interdisciplinaire samenwerking.

Begeleidingsgrondhouding van de begeleiding, 'zoals wij deze zelf op prijs zouden stellen'

Respect voor de eigenheid en persoon van de hulpvrager.

Dat men kan zijn wie hij/zij is en wil zijn.
Rekening houden met het karakter van de persoon.
Aanvaarden van de beperkingen van de persoon.
Uw eigen tempo aanpassen aan dat van de cliŽnt.
Recht op privacy.
Dat cliŽnten/bewoners mee mogen beslissen over belangrijke zaken.
Geduld hebben met de bewoners;
Oog voor de individuele behoeften van de persoon.
Constructieve omgang met bewoners (bevestigend, bekrachtigend).

Ruimte laten en kansen bieden om cliŽnt te laten ontwikkelen.
Activeren op een positieve manier.
Mensen motiveren om ook andere vaardigheden te leren.

Begeleiden zoals je je eigen kinderen/ouders zelf zou begeleiden.
Oprechte betrokkenheid.

Waarden meegeven.

Een "echte thuis" bieden. Zorgen voor een aangenaam huiselijk gevoel.
Gezelligheid.

Goede verzorging en zorgen bieden.
Zorgzame aandacht.

Familie en nabestaanden op de hoogte houden en betrekken bij het gebeuren in het tehuis.
Goede communicatie naar de familie.
Openstaan voor (kritiek) feedback van ouders en familie.

Begrip en engagement van de begeleiders.
Empathie en geduld.
Warmtevol.
Proberen de bewoner te begrijpen/in te leven.

Opgemaakt door begeleidingsteam tgv een vorming (02/02/07) en bevestigd op een begeleidersvergadering (03/08/2010)

2.1.3.2. T.a.v. (nog?) niet opgenomen gebruikers

De Troon vervult voor alle personen die zich hiervoor in de Troon aanbieden de rol van 'contactpersoon' voor (centrale) zorgregistratie en zorgbemiddeling. (wat de zorgvraag ook is)
In het bijzonder wil de Troon dat minstens dit bij elke betrokken bewoner van de clustergemeentes 'Vorselaar, Grobbendonk en Herenthout' bekend is.
Voor zorgvragers met een dringende opnamevraag is de Troon een actieve bemiddelaar in het zoeken naar een gepast aanbod. Zowel via de zorgbemiddeling van de centrale registratie van zorgvragen als via de zorgplanning van het ROG, door mee te zoeken naar en te werken aan structurele oplossingen.

2.1.3.3. tav de samenleving

We streven ernaar in de onmiddellijke omgeving van de Troon (Vorselaar en buurgemeenten) ruimte te creŽren opdat personen met een handicap echt kunnen geŽmancipeerd worden in de maatschappij. Dit door de gemeenschap aan te moedigen om mensen met een handicap ook een stem te geven en deze stem te willen beluisteren en ermee rekening te houden. Er wordt dan ook werk gemaakt van de beeldvorming van de mensen met een handicap. We streven ernaar om in Vorselaar en omgeving brede sociale netwerken te creŽren waar mensen met een handicap in de mogelijkheid zijn te participeren aan het gewone leven, om burger te worden,… We streven ernaar de samenleving te sensibiliseren zodat zij inzien dat ook zij voor mensen met een handicap een belangrijke functie hebben.

2.1.3.4. sociaal geŽngageerde werkgever

Als werkgever, actief in de sociale profit wil de Troon ook zijn verantwoordelijkheid opnemen naar de samenleving toe. Zolang dit de primaire doelstelling (de levenskwaliteit van bewoners) niet benadeeld biedt de Troon aan diverse groepen mensen de kans om zich via 'tewerkstelling' (in de ruime zin van het woord, als stagiair, vrijwilliger, werkgestrafte, leerling in het kader van deeltijds leren/deeltijds werken,… ) als persoon te realiseren. De Troon staat open voor hen en zet zich actief in om op deze wijze mensen te helpen zich als mens en professioneel te 'ontplooien'.

Jaarverslag 2013 GVT De Troon

>>Download hier het jaarverslag in PDF formaat<<

GEZINSVERVANGEND TEHUIS DE TROON
BROEDERS VAN LIEFDE
SASSENHOUT 43 – 2290 VORSELAAR
Tel: 014 - 21 93 72
Fax: 014 - 23 09 44
WWW.DETROON.BE
E-mail: GVT.DE.TROON@FRACARITA.ORG
ON 0406.633.304



"DE MISSIE VAN DE BROEDERS VAN LIEFDE"

1. Liefde als bron
Als leden en medewerkers van de Broeders van Liefde willen we vanuit een gelovige grondhouding naar de mensen gaan.

2. Liefdevolle zorg voor iedereen
Wij zorgen voor medemensen die in hun menselijke ontplooiing begeleiding nodig hebben, ongeacht hun oorsprong, geslacht, overtuiging of financiŽle draagkracht. We streven naar een optimale begeleiding, opvoeding en begeleiding.

3. Cultuur van de liefde
Een onvoorwaardelijk respect voor iedereen is de basis van onze inzet. Dat uit zich in dienstbaarheid en deskundige begeleiding.

4. Een glimp van Gods liefde
Op deze wijze willen we de kwaliteit van het leven verbeteren en een bijdrage leveren tot een meer humane samenleving waar ook ruimte is voor armen en zwakken.

VERTAALD VOOR DE TROON

"Wat ik niet kan… krijg ik. Wat ik kan… geef ik' (Zr. Aleydis) blijft de leidraad. Met dit als leidmotief wil de Troon alle opgenomen bewoners zoveel als mogelijk 'het gewoon menselijke geluk' gunnen. Zoveel als de bewoners (aan)kunnen moeten deze mensen zelfstandig kunnen leven. Voor wat ze zelf niet kunnen moeten ze kunnen rekenen op de begeleiding van de Troon.
De Troon streeft naar een integrale woonopvang en begeleiding voor iedere bewoner.
Een 'zo hoog mogelijke kwaliteit van leven', 'vraaggestuurde werking', 'levenslang', 'gelijkwaardigheid en emancipatie', het eigen 'sociale netwerk' en een 'ruim aanbod aan activiteiten' zijn hierin belangrijke kernwoorden.
Essentieel in de bejegening van de bewoners is dat ze Gods Liefde in mensengestalte en mensenmaat kunnen ervaren.



VOORWOORD

Pleidooi voor eenvoud
(niet zomaar een nieuwjaarwens)

Hoe complexer iets wordt,
hoe groter de kans
dat het terug eenvoudig wordt.
Het keerpunt is nabij.
Ontsteek het vuur
en zet de bakens uit.
Het keerpunt is nabij.

Voorbij
het zoveelste papier, het zoveelste document,
het zoveelste protocol, de zoveelste nota,
de zoveelste overtol,

Voorbij
Het zoveelste netwerk, de zoveelste structuur,
het zoveelste uur (het is al zo lang vijf voor twaalf)
voorbij de zoveelste muur.

Voorbij
machten die verhinderen en belemmeren,
voorbij de zoveelste projectoproep
(voor innovatie nota bene).

Voorbij
De zoveelste verontwaardiging.
Voorbij de zoveelste minuut ontmoediging
(langer lieten we het nooit duren).
Ergens moet er toch een eenvoud zijn.

Want het gaat niet
over trajecten of zorgketens.
Het gaat niet over coŲrdineren en meten,
over fusies en clusters.
Niet over e-health en centrale indicatiestelling.
Niet over zorgpaden en zorgtrajecten.
Niet over coŲrdinatoren en elektronische zorgdossiers.
Uiteindelijk toch niet.

Uiteindelijk
gaat het toch gewoon over
het schenken van koffie,
het schikken van bloemen,
het kennen van de kleur in de ogen,
het verdragen van klagen,
het verzachten van kwalen,
het helen van wonden,
het verbinden van uitersten.

Uiteindelijk
gaat het toch gewoon over
het zien van noden,
het horen van gefluister,
het ruiken van onraad,
het tasten in het donker,
het smaken van verschillen.

Uiteindelijk
gaat het toch gewoon
over het schillen van appels en van peren,
het niet vergelijken,
het zien van die ene
die je aankijkt In je ogen.

Niet die van het dossier, de teller of de thermometer.
Niet die van het kamernummer of de registratie.
Maar die ene die je knijpt in je arm
tot het soms pijn doet
terwijl je zoekt naar 1001 antwoorden
op 1001 vragen
omdat er geen standaard voor is
als die ene zich ontvouwt voor je ogen
ieder ogenblik op nieuw.

Want er zijn
ogen blikken nodig
om iemand werkelijk te zien
en we moeten nog zoveel (af)leren
om (weer) gewoon te (leren) doen

Maar het keerpunt is nabij
want hoe complexer iets wordt
hoe groter de kans
dat het terug eenvoudig wordt.
Het keerpunt is nabij.
Ontsteek het vuur
en zet de bakens uit.
Het keerpunt is nabij

Bart Deltour

In een jaarverslag proberen we met enkele accenten de belangrijkste gebeurtenissen van het afgelopen jaar te vatten.

Als organisatie is het een opgave te werken met de middelen die er zijn. Ook al zijn deze duidelijk beperkt en/of eindig, het blijft de opdracht om deze zo goed mogelijk aan te wenden. Men kan bij de pakken blijven zitten of juist in de beperking nieuwe uitdagingen zien. Het past voor een voorziening die personen met een handicap begeleidt om te opteren voor de tweede optie.

In een t(e)huis als de Troon is het leven van elke dag voor elk van de bewoners minstens zo belangrijk als die ene in het oog springende gebeurtenis of tendens. Iedere dag opnieuw bewoners kwaliteit van leven bieden is minstens even belangrijk.

Dit jaar wordt het jaarverslag geÔllustreerd met een aantal tekstjes, die blijven hangen zijn omdat ze iets verwoorden die we zelf niet zo kernachtig mooi kunnen verwoorden, met citaten uit een bevraging aan personeel en bewoners over het afgelopen jaar 2013, met fragmenten uit een paper die Miet schreef. Miet is een werkstudente die na een vakantiejob een paper schreef als student anthropologie: Van een tehuis naar een thuis. Een etnografisch onderzoek naar de relaties tussen personen met een verstandelijke handicap die gedwongen samenleven.
"Mijn grote dank gaat uit naar de auteurs en hoofdrolspelers van dit verhaal: de bewoners van de Troon. Ik bedank hen niet alleen voor …⁄…, maar vooral voor de warmte en openheid waarmee ze mij al jarenlang ontvangen in de Troon.

Als tweede bedank ik ook al het personeel van de Troon. De bewoners kleuren de Troon, maar zij geven mee vorm aan de lijnen waarbinnen ze kunnen schitteren. Ik bewonder hen voor het engagement dat ze opnemen tegenover de bewoners. (mooie woorden overgenomen van Miet)

Vorselaar, mei 2014



1. DE TROON IN CIJFERS

HUIDIGE ERKENNING
De Troon is erkend door het Vlaamse Agentschap voor Personen met een Handicap als:

Tehuis voor werkenden: voor het opnemen van 13 mentaal gehandicapte volwassenen, bekwaam om een officieel erkende beschuttende werkplaats te bezoeken .

Tehuis voor niet-werkenden: voor het opnemen van 7 mentaal gehandicapte volwassenen, niet bekwaam om een officieel erkende beschuttende werkplaats te bezoeken, waarvan maximum 1 kan opgenomen worden in het stelsel van nursingtehuis. Binnen deze capaciteit mag maximum 1 bed voor de opname van een licht mentaal gehandicapt persoon aangewend worden.

Rechtstreeks toegankelijke hulp: als dienst voor rechtstreeks toegankelijke hulp voor 23,00 personeelspunten ( met ingang van 1 juni 2013 tot 31 december 2015 )

BEWONERS
In 2013 was de gemiddelde bezetting voor het tehuis voor werkenden 12,67 en voor het tehuis voor niet-werkenden 7 (6 voor het bezigheidstehuis en 1 voor het nursingtehuis).
In 2013 werden 2 bewoners met een convenant opgevangen. Een van deze personen werd een tijd binnen de convenantenmiddelen ambulant begeleid.

6 personen werden binnen rechtstreeks toegankelijke hulp begeleid.

Dit betekende voor 2013 aan gerealiseerde aanwezigheidsdagen:

  I F H A NG
TEHUIS WERKENDEN 4387 214   22  
TEHUIS NIET-WERKENDEN 2483 63 9    
CONVENANT 430 11      

Er werden in 2013 binnen rechtstreeks toegankelijke hulp door de Troon voor 4,466 personeelspunten prestaties geleverd.

Leeftijdstabel dd 31/12/2013 (inclusief 1 bewoner die met een convenant in dr Troon verblijft):

  TEHUIS WERKENDEN TEHUIS NIET-WERKENDEN DE TROON
< 50 jaar 2 2 4
50 - 54 jaar 1 2 3
55 - 59 jaar 2 1 3
60 - 64 jaar 1 1 2
65 - 69 jaar 2   2
70 - 74 jaar   1 1
75 - 79 jaar 1 1 2
80 - 84 jaar 4   4

Opvallend is dat per 31 december 2013 meer als de helft van de bewoners 60+ is (11), waarvan 6 bewoners 75+ en 4 bewoners 80+ zijn.
In 2013 is (slechts) 1 bewoonster overleden.
Er is 1 nieuwe bewoner opgenomen (wel via 2 opnames aangezien er 1 bewoner met een convenant migreerde naar een reguliere plaats, waardoor een andere bewoner die voorheen enkel mobiel begeleid werd met convenantenmiddelen in het tehuis voor niet-werkenden werd opgenomen).
In de Troon verblijven 19 vrouwelijke en (slechts) 2 mannelijke bewoners.
In 2013 werden 4 personen (3 mannen en 1 vrouw) via rechtstreeks toegankelijke hulp mobiel begeleid.

Eigen aan de populatie van het tehuis voor werkenden zijn de vele structurele thuiszitters (10,64 bij een erkenning van 13) alsook heel hoge bezettingscijfers tijdens weekends en vakanties (in het tehuis voor werkenden: 11,97, het tehuis voor niet-werkenden 6,56).

Getrouw aan de regionale samenwerking (centrale zorgregistratie) engageert de Troon zich voor bemiddeling van zorgvragers. Gezien het te schaars aanbod aan beschikbare plaatsen vergt het een heel grote inzet om aangemelde kandidaten aan een plaats te helpen. En dit zonder garantie op succes. Gelukkig evolueert de zorgregie in gunstige zin. Meer als vroeger lukt het, mits intensieve inspanningen, om voor de meest acute situaties toch een oplossing te vinden. Zij het dat we voor andere minstens even dringende vragen in 2013 nog geen passende oplossing konden vinden.

Ondermeer omdat in de subregio Herentals het aanbod aan opvang te beperkt en te weinig gedifferentieerd is, komen zorgvragers (te) laat aankloppen met nochtans urgente vragen voor begeleiding of opvang. Zeker dan is het niet gemakkelijk, vaak zelfs niet mogelijk, gepaste antwoorden te vinden voor nochtans zeer urgente vragen. Zo worden families die zo lang als ze het zelf konden bleven zorgen voor hun gehandicapt familielid hiervoor gestraft ipv gewaardeerd.

De Troon ziet het als een opgave om binnen rog- en crz-werking te blijven ijveren voor een uitgebreider aanbod in de eigen zorgregio maar ook om in het kader van perspectief 2020 van de Vlaamse overheid mee te evolueren naar een (nog) meer vraaggestuurd zorgaanbod dat op inclusieve wijze hierop anticipeert. Het engagement van de Troon om mee te werken in het opgestarte dienstencentrum Sprankel! (Vorselaar) en de engagementen binnen rechtstreeks toegankelijke hulp passen in dit kader. Ook de loyale participatie aan de zorgbemiddeling binnen de (sub) zorgregio Herentals van ROG Turnhout.

PERSONEEL
In de Troon werkten in 2013, 29 personen. Ook hier vormen de mannen een duidelijke minderheid (24 vrouwen; 5 mannen).

Indeling naar leeftijd

Jonger dan 30 jaar 9
31 tot 40 jaar 9
41 tot 50 jaar 8
51 tot 65 jaar 3

De grote meerderheid heeft een deeltijds contract (22), slechts 7 mensen werken fulltime. Dit is niet alleen eigen aan een overwegende vrouwelijke personeelsgroep maar is in functie van continuÔteit ook een noodzaak. Als begeleidend personeel ook regelmatig van een vrij weekend wenst te genieten is het noodzakelijk dat er genoeg personen tewerkgesteld zijn om de weekenddiensten onderling te verdelen.

Eigen (?) aan een jonge en overwegend vrouwelijke personeelsgroep vroegen en kregen diverse werknemers een geÔndividualiseerd tewerkstellingsstelsel. Een goede afstemming en (creatieve) herverdeling van de personele middelen onder reeds tewerkgestelde deeltijdse werknemers zorgde ervoor dat zoveel mogelijk dezelfde personen tewerkgesteld kunnen blijven. Dit zorgt voor continuÔteit in de personeelsgroep die noodzakelijk is voor het behoud van de kwaliteit van de zorg voor de opgenomen bewoners.

Een gezinsvriendelijk personeelsbeleid vraagt extra inspanningen maar levert wel een positieve weerslag op de kwaliteitszorg voor bewoners op. Onderstaande tabel toont doorheen de jaren toegenomen dienstanciŽnniteit van werknemers. Dit staat borg voor steeds toenemende, gewaarborgde en beter geborgen kwalitatieve zorg.

Indeling naar dienstanciŽnniteit (in de Troon):

0 tot 4 jaar anciënnitiet 8
5 tot 9 jaar anciënnitiet 10
10 tot 14 jaar anciënnitiet 10
15 tot 20 jaar anciënnitiet 2

Naast door het Vlaamse Agentschap gesubsidieerd personeel werden er ook mensen tewerkgesteld via sociale maribel en het sociaal fonds VOHI. De Troon maakt graag gebruik van hun diensten alsook van deze van vrijwilligers wat hun statuut ook is: stagiair in het kader van een opleiding, mensen die uit engagement naar de bewoners toe iets willen doen of betekenen,... Dit kadert niet alleen in de missie als welzijnsorganisatie maar is noodzakelijk om de beoogde dienstverlening rond te krijgen. Dit vraagt een extra inspanning (om deze mensen te begeleiden) maar wordt als noodzakelijk ervaren.

Gemeten aan de zorgafhankelijkheid van de populatie, de discrepantie tussen de pec-erkenningen van de bewoners versus het stelsel waarin ze opgenomen zijn ťn aan de grote weekend- en vakantiebezetting is er voor de werking van de Troon duidelijk een (te) lage personeelsbezetting. De meeste bewoners ingeschreven in het tehuis voor werkenden hebben een zorgnood (minstens) op maat van een bezigheidstehuis! Ook al zijn we slechts erkend voor 1 nursingplaats, er zijn heel wat meer bewoners die een pec-erkenning hebben voor een nursingtehuis en/of wiens zorgvraag hiermee ondertussen overeenstemt. Veel bewoners hebben een beperkt sociaal netwerk en zijn bovendien afhankelijk van de begeleiding van de Troon om er contact mee te blijven houden. Ook dit is een begeleidingsintensieve opgave.
Het blijft een moeilijke evenwichtsoefening om de beschikbare middelen af te stemmen op de meest dwingende noden.

Ook daarom doet de Troon zoveel als mogelijk een beroep doen op externe professionals om aan deze tekorten tegemoet te komen en/of om het zorgaanbod (meer) af te stemmen op de noden van de bewoners: de huisartsen, thuisverplegers voor de specifieke medische (ver)zor(ging), apothekers, kinťsitherapeuten, kappers, een podoloog, een pedicure, een logopediste, orthopedisten,... Voor de ene bewoner komen deze aan huis, andere moeten er dan weer zelf naartoe (of gebracht worden). Twee bewoners krijgen op regelmatige basis bezoek van een pwa-medewerker.
De bewoners van de Troon gaan regelmatig in op het aanbod van Ziekenzorg (Turnhout), het Rode Kruis, Kazou....voor vakanties. Diverse bestaande netwerken van vrijwilligers worden meer en meer aangesproken: plaatselijke afdeling van KVG, ziekenzorg, Christelijke Mutualiteit, KVLV, FEMMA, Het Rode Kruis, de Vorselaarse minder-mobielen-centrale, de Vorselaarse cultuurraad, t Kiertje, een Vorselaarse vereniging waar armen het woord nemen,. Met Sprankel! (het Vorselaarse dienstencentrum) wordt verder aan de weg getimmerd. Bewoners kunnen zich er heel nuttig maken als vrijwilligers voor het dorpsrestaurant, maar ook meer structureel groeit de samenwerking. Eind 2013 werden 3 van de 4 donderdagen per maand ingevuld door activiteiten georganiseerd vanuit de Troon.
Deze inbreng van en samenwerking met vrijwilligers en bestaande/nieuwe werkingen zijn onontbeerlijk voor een noodzakelijke differentiatie in aanbod van activiteiten en bieden de bewoners van de Troon steeds nieuwe kansen.

In de Troon werd al vaker beroep gedaan op werkstudenten om de minimale kwaliteit van zorg tijdens de vakantiemaanden mee te waarborgen. In 2013 werd opnieuw een beroep gedaan op vakantiewerkers zowel voor de begeleiding van de bewoners als voor logistieke ondersteuning (was en poets).

"Roel en lies, de nieuwe apothekers :een hele verbetering en persoonlijke aanpak"

"De goede samenwerking met huisarts/verpleging/apotheek mag zich in 2014 zeker herhalen"

2. DE TROON IN WERKING

AGOGISCH

Het gewone leven
In verslagen als dit lijkt het er wel eens op dat de speciale en/of in het oog springende gebeurtenissen de meest belangrijke zijn. De gewone dingen van elke dag, op een bijzondere wijze uitgevoerd, zijn minstens zo waardevol als eenmalige grote gebeurtenissen. Aangezien er in een jaar meer gewone dagen zijn dan bijzondere is het zeker van belang dat vooral de dingen van elke dag met zorg, toewijding en liefde gebeuren.
Vandaar dat in de organisatie van grote activiteiten steeds kosten en baten voor de bewoners zorgvuldig afgewogen wordt.
Samen met het verouderen van de bewoners en de toegenomen zorgnood worden de activiteiten van elke dag voor de bewoners met het jaar belangrijker. Dan worden grote speciale uitstappen of evenementen eerder een belasting en stijgt het belang/de noodzaak van heel kwalitatieve dagelijkse zorg en verzorging. Regelmatig een lekkere tas koffie, een babbeltje, eens uitslapen, een middagdutje, een kort wandelingetje, een gerichte individuele uitstap zo nodig met aangepast vervoer wordt dan veel belangrijker dan deelnemen aan groots opgezette activiteit of een groepsuitstap. Zij het dat deze af en toe ook nog moeten kunnen.
De bewoners van de Troon blinken uit in verscheidenheid. De helft van de bewoners is ouder dan 65, maar er zijn ook een aantal jonge vrouwen. Terwijl enkelen van de oudsten maandelijks naar de gepensioneerden gaan, gaat de jongste bewoonster op vrijdagavond na een weekje werken in de beschutte werkplaats wel eens naar een fuif. Elke bewoner geniet van andere dingen en heeft andere talenten. Peggy is de kunstenares en leert allerlei technieken bij op de tekenschool. Ook Mees heeft een neus voor kunst e n geniet bij poco a poco op haar keyboard van het musiceren in groep. Lutgard en Daisy uiten zich liever vocaal dan instrumentaal en zingen bij het koor gelijkgestemd. Liliane verzorgt de dieren en voorziet de bewoners maandelijks van een klassieke groentesoep. Maria en Mees vormen samen een handwerkteam en kunnen hele dagen zitten breien en naaien. Rita zorg er dan weer voor dat de postbus dagelijks leeggemaakt wordt en staat klaar om te helpen als er brieven in enveloppes gestoken moeten worden. Paola is graag op stap en gaat bijvoorbeeld vaak mee naar de winkel, ook al heeft ze helemaal niets nodig. Erik gaat elke week pingpongen en geniet daarna graag van een frisse pint. En zo zouden we nog even kunnen doorgaan.
Ook op vele andere vlakken zijn de bewoners heel verschillend. Sommigen zijn rijk, terwijl anderen zich weinig extraatjes kunnen veroorloven. Sommigen hebben heel nauw contact met hun familie, anderen hebben nauwelijks familie. Sommigen zijn doof en anderen hebben een autismespectrumstoornis. Sommigen hebben een diepe verstandelijke handicap en hebben veel individuele zorg nodig, terwijl anderen met goede afspraken een vrij zelfstandig leven leiden. Voor sommigen is die zelfstandigheid heel belangrijk, terwijl anderen graag afhankelijk zijn van de zorgen van de Troon. Sommige bewoners zijn graag de hele dag omringd door mensen en vertoeven meestal in de gemeenschappelijke ruimtes. Anderen verkiezen geregeld de rust van hun kamer om hun eigen ding te kunnen doen.

(Miet)

Activiteitencentrum en RTH jaarverslag 2013
2013 was voor het activiteitencentrum een jaar waar veel hetzelfde was als de voorbije jaren, maar waar ook heel wat nieuwigheden het daglicht zagen. Natuurlijk blijft onze belangrijkste taak om onze bewoners een zo divers mogelijk aanbod te bieden met ontspannende activiteiten, werkactiviteiten, sporten (zoals wandelen, fietsen en zwemmen), vormende activiteiten, uitstapjes, feestjes en activiteiten met familie en vrienden, een koffiebabbel en zo veel meer. We proberen er voor te zorgen dat iedereen aan bod komt en dat we zo veel mogelijk proberen te werken op vraag van de bewoners zelf. En ieder kan deelnemen op zijn manier, zijn tempo. Daarnaast zijn we dit jaar ook gestart met een aanbod voor mensen van buiten de Troon, maar daarover later meer.

Traditiegetrouw start het jaar met eendriekoningenreceptie voor familie, vrienden, buren, ... en een nieuwjaarsconcert, georganiseerd door (goed gekend bij onze bewoners) Conny Neefs (Geel). Twee feestactiviteiten die meteen de toon zetten voor weer een sfeervol jaar. Nadien was het even werken geblazen met alle houten kerstbomen van Sassenhout die door onze bewoners aan huis werden opgehaald.
Maar blijkbaar was er nog niet genoeg gefeest, want 20 februari organiseerde de Troon een heuse carnavalfuif voor instellingen. De fuif vond plaats in de nieuwe fuifzaal de Dreef van Vorselaar. Die volledig aanpast is voor personen in een rolstoel. Een schot in de roos, zowel qua opkomst als ambiance. Ook traditioneel voor februari is dat we het veldritseizoen met onze fanatieke bewoners gaan afsluiten in Malle.
Maart startte serieus in mineur: Bea ťťn van onze bewoonsters overleed begin maart. We hebben allemaal nog afscheid kunnen nemen van Bea, en begeleiding stond klaar om bewoners op te vangen met hun verdriet en al hun vragen. De bewoners hielpen ook mee aan de afscheidsviering, ze maakten tekening of schreven een tekstje voor Bea.
Na het afscheid van Bea kwam er een plaats vrij in ons tehuis. Louis (de witte) die we al een tijdje begeleidde via ambulante zorg, werd op die manier onze nieuwe bewoner en meteen ook onze 2de mannelijke bewoner van de Troon. Louis bracht meteen heel wat leven en humor in de brouwerij. Hij werd ingedeeld bij leefgroep 2, zodat de mannen toch samen zaten om af en toe eens over de voetbal te praten. Louis is een man die ook nog een serieus stukje kan werken, dat bewees hij meteen al tijden de vorming tuinieren van Velt. Hij werd dan ook de verantwoordelijke om onze plantjes water te geven en het onkruid te wieden. Ook tijdens de jaarlijkse zwerfvuilactie lieten Louis en andere bewoners zien dat ze een behoorlijk stukje kunnen werken en dat ze gerust hun handen willen vuil maken.
In april stonden er lekkere pannenkoeken op het menu tijdens de jaarlijkse pannenkoekendag. Smullen maar en gezellig keuvelen met alle bekende gezichten die op bezoek komen voor onze bewoners. Tussendoor was het genieten van heel wat activiteiten op de Troon en in het dienstencentrum Sprankel in Vorselaar. In Sprankel voelen onze bewoners zich ondertussen echt thuis en zijn ze graag geziene bezoekers die ook hun steentje bijdragen in het vrijwilligerswerk. De zomer was vooral warm, soms te warm voor onze bewoners, maar een lekker ijsje, een fietstocht een visnamiddag, BBQ met de familie van het personeel deden de warmte af en toe wel vergeten.
Tijdens die warme zomer startten we in de Troon ook met RTH (rechtstreeks toegankelijke hulp) waarbij we mensen met een handicap van buiten de Troon ook willen helpen en ondersteunen in hun dagelijks leven, helpen bij hun vragen, dromen waarmaken, hen deel laten uitmaken van de maatschappij, zelfredzaamheid bijbrengen.. Ondertussen hebben we al aan heel veel mensen uit de buurt en het dorp uitleg gegeven over het project, folders gemaakt en verspreidt. Ook zijn al enkele begeleidingen van start gegaan: Dieter, Lieve, Marc, Eddy, Lorenz en Karin hun begeleidingen zijn gestart in 2013 en er zullen er ongetwijfeld nog vele volgen. Om hiervoor tijd te hebben en er voor te zorgen dat onze bewoners zeker niks te kort komen is Tinne voltijds bij de dagbesteding komen werken. Na de zomer was het familiefeest met Eddy Smets en BBQ weer een schot in de roos. Super om te zien dat onze bewoners zo graag gezien. zijn bij hun familie en vrienden
Tijdens het Allerheiligen verlof hebben de kindjes van het personeel mee komen koken in het buurthuis met onze bewoners; Samen hebben ze super lekkere pizzas gebakken.
Op 6 december kregen we het bezoek van de heilige man uit Spanje. Hij bracht ons dit jaar een senseo op een karretje (om gezellig bij bewoners op de kamer te genieten van een tasje koffie en een leuke babbel) en een hele hoop boeken en dvds voor in onze nieuwe bibliotheekkast.

Tegemoetkoming aan veroudering van de bewoners
"´t Klinkt raar maar de laatste zorgen voor Bea, en daarna …zo mooi hoe bewoners en personeel er voor elkaar waren en omgekeerd"

"Voor mij was het hoogtepunt van 2013 dat twee bewoners die in de loop van 2013 palliatief verklaard werdenen er op 1 januari 2014 toch nog zijn."
De Troon engageert zich om haar bewoners levenslange zorg te garanderen. In de werking met en voor bewoners wordt hierop geanticipeerd (aanpassing accommodatie, in plannen voor een goed leven wordt aandacht geschonken aan levenseinde, hoge frequentie van doktersconsultaties, (nog meer) aandacht voor gezondheidspreventie, vorming voor personeel,). Voor een aantal bewoners is de eindigheid van het leven en het streven naar en realiseren van een kwalitatief levenseinde een dagelijkse realiteit en opdracht geworden. Er wordt samen met hun familie gedacht over en gewerkt aan wilsbeschikkingen voor een aantal bewoners. Leven alsof het de laatste dag kan zijn, typeert bejegening en ons zorgaanbod meer en meer. Dat wat een bewoner vandaag gegund kan worden, wordt niet uitgesteld tot morgen.
Dit betekent ook dat bewoners moeten worden bijgestaan in moeilijker momenten: hun lijden verlichten ingeval van ziekte, hen zo goed mogelijk bijstaan bij een ziekenhuisopname, een intensieve medische begeleiding, palliatieve zorg in het eigen thuismilieu.
Dat Bea in de Troon is kunnen en mogen sterven, en de wijze waarop werd door veel mensen gewaardeerd en positief geŽvalueerd. Op basis van deze ervaring groeit de verwachting van de bewoners en/of hun netwerk/familie dat dit ook voor hen zal kunnen.
Ervaring leert ons dat, mede door de hoogstaande samenwerking met huisarts, apothekers en thuisverpleegkundigen, thuiszorg van (zwaar) zieke bewoners langer en (veel) meer levenskwaliteit kan bieden.
Hierbij goede professionele zorg voor de palliatief verzorgde bewoners combineren met de dagelijkse zorg van de andere bewoners blijft een belangrijke opdracht. Hierbij kan de zorg voor de eigen emoties van confrontatie met eindigheid en verlies niet uit het oog verloren worden. Binnen ondersteuning van en vorming voor personeel wordt hier blijvend aandacht aan geschonken.

"Ge moogt nu efkes verdrietig zijn, hť? " (Daisy)

De populatie van de Troon veroudert. De helft van de bewoners is ouder dan 65 jaar, vier van hen zijn zelfs tachtigplussers. Meer en meer worden ze geconfronteerd met de eindigheid van het leven. In het jaarverslag van de Troon (2012) staat hierover het volgende:

"De Troon engageert zich om haar bewoners levenslange zorg te garanderen. In de werking met en voor de bewoners wordt hierop geanticipeerd. Op ethisch vlak daagt de confrontatie met de eindigheid van het leven iedereen uit rond thema‘s van menswaardige zorg, verzachten van het lijden, (al dan niet gelovig) afscheid nemen van het leven. Met de bewoners blijven we hierover in gesprek gaan en wordt er gepraat over (verfijning van) hun verwachtingen. "

De afgelopen tien jaar moest de Troon afscheid nemen van drie bewoonsters. Tijdens de periode van mijn veldwerk stierf Bea, een bewoonster die ik al ken van de eerste keer dat ik in de Troon kwam. Bea had een niet-aangeboren hersenaandoening (NAH). De laatste jaren ging haar gezondheidstoestand fel achteruit en is ze tot tweemaal toe bijna overleden. Na die ervaringen deed ze meermaals de uitdrukkelijke wens om te sterven in de Troon, haar thuis. Die wens is waarheid geworden. Op een vrijdagavond in maart overleed Bea op haar eigen kamer in de Troon. De dagen voor haar overlijden bracht Bea door in haar kamer, heel centraal in de gang. Tot op de dag van haar dood stond haar deur open voor de andere bewoners. Zo hebben ze allemaal rustig in hun vertrouwde omgeving afscheid kunnen nemen. Toen ze net gestorven was op vrijdagavond konden alle bewoners haar nog gaan groeten op haar kamer. Pas daarna is ze overgebracht naar een mortuarium.

Maandag kwam ik voor het eerst sinds het overlijden van Bea terug in de Troon. Zoals meestal op maandagochtend ging ik eerst naar de leefruimte van groep 1. Dat is de groep van Bea. De kast was ingericht als gedenkhoek voor Bea. Heel snel kwamen er verschillende reacties los. Elk op hun manier maakten verschillende bewoners me duidelijk wat er gebeurd was en hoe ze zich daarbij voelden.

"Het gaat niet zo goed met mij. Elle vake heeft wel gezegd wat er gebeurd is, hť! Ik heb mijn kamer niet gekuist, want dat ging niet. Maar dat is nu niet zo belangrijk, hť? (P)

*** Ik zette me aan de tafel waar C aan het ontbijten was. C is Franstalig. Voor mij vraagt het vaak nogal wat inspanning om te begrijpen wat ze wil zeggen. Maar vandaag vindt ze een manier om heel snel duidelijk te maken wat ze bedoelt. Ze trekt aan mn elleboog, maakt een kruisje met haar handen en wijst met beide handen naar boven. Zonder woorden geeft ze heel eenvoudig weer wat er in haar hoofd omgaat. Het is de eerste keer dat ze zo expliciet mijn aandacht vraagt om me iets te zeggen.

*** P zat altijd naast Bea aan tafel. Ze zat vaak naast haar in de zetel of ging langs op haar kamer. Ook voor P is mondeling communiceren minder evident. Nooit eerder kon ze mij zo duidelijk een boodschap overbrengen dan vandaag: "Ik zit met Bea in mijne kop. Bea is weg hť. " P zat nu alleen aan tafel. M merkt dat en wenkt haar om bij aan haar tafel te komen zitten. Tegen mij zegt ze: "P is echt haar maatje kwijt ".

*** "Ik heb al twee nachten niet goed geslapen. Dat zit in mijne kop en dat geraakt er niet meer uit. " (L)

Op het einde van de voormiddag hielp ik mee bij het maken van tekeningen en boodschappen voor Bea. Vele bewoners wilden nog iets opschrijven, maar konden dat niet zelf. Ik hielp met kleuren en het vinden en opschrijven van de juiste woorden voor de boodschap die ze Bea nog wilden geven. Op de begrafenis werden al deze tekeningen en boodschappen geprojecteerd in de kerk. Tijdens het tekenen hing er een ontspannen sfeer en was er ruimte voor gemijmer en mooie herinneringen aan Bea. Dat moment deed me enorm denken aan het samenzijn met mijn eigen familie in de voorbereiding op de begrafenis van mijn grootmoeder. Een samenzijn waar niet enkel plaats is voor gedeeld verdriet, maar ook voor dankbaarheid. Zo voelde ik ook op dat moment dat bewoners en personeel elkaar vonden in hun verdriet en zich heel erg gesterkt voelden door elkaar.

Het verhaal van Bea is een apart verhaal. Ze was ťťn van de twee bewoners met NAH en de enige met kinderen. Tijdens de periode na het overlijden was er een harmonische samenwerking tussen de eigen familie en Bea haar thuis. Kinderen, personeel en bewoners wilden Bea samen een mooi afscheid geven. Een mooi bewijs van deze samenwerking is het feit dat op de overlijdensbrief onder de echtgenoot en de kinderen ook alle bewoners en het personeel van de Troon bij naam genoemd worden.

Miet
Inclusie
Meer en meer worden de vruchten geplukt van inspanningen om de Troon en zijn bewoners dichterbij de Vorselaarse dorpsgemeenschap te brengen. Erbij mogen horen, belangrijk geacht worden, heeft voor de bewoners een bijzondere impact op hun eigen levenskwaliteit. De bewoners genieten niet alleen van de activiteiten waaraan ze kunnen en mogen participeren maar (zeker ook) van de acceptatie en waardering die ze hierbij ondervinden van hun dorpsgenoten. Bovendien groeit in Vorselaar zo begrip voor personen met een handicap. Wat van groot belang is met het oog op verdere ontwikkeling in de basiszorg voor personen met een handicap in de eigen zorgregio. In meer en meer Vorselaarse verenigingen participeren bewoners op een evidente wijze in en aan het verenigingsleven van Vorselaar, net zoals alle andere dorpsgenoten. Ook binnen het ondertussen in Vorselaar helemaal ingeburgerde werking van het dienstencentrum Sprankel! hebben meerdere bewoners als de Troon als instelling een gewaardeerd aandeel. Eind 2013 wordt in samenwerking met het dienstencentrum en het Vorselaarse wzc Hof ter Lande de start van een contact-(of dementie-)koor voorbereid.

De in 2011 geleverde inspanningen om het (tanende) buurtleven van Sassenhout nieuw leven in te blazen resulteerde in een (voorzichtig) heroplevende buurtwerking. Ook in 2013 bleef de Troon de (traag) heroplevende buurtwerking van het gehucht Sassenhout ondersteunen. Het inmiddels opgerichte buurtcomitť blijft actief, zorgt voor een aantal activiteiten waaraan bewoners, samen met andere bewoners van het Sassenhout, kunnen deelnemen.

De bijzondere activiteit van 15 september 2012, een gezamenlijke groepsuitstap van werknemers van Praxair en bewoners De Troon kreeg in 2013 een aangenaam vervolg. De return voor het bedrijf van deze gezamenlijke activiteiten overtrof de nochtans niet geringe tijds- en geldinvestering van het bedrijf. Deze samenwerking resulteerde voor het bedrijf in een internationale erkenning.
"deze award is een bekroning voor het project "de Troon aan de microfoon", dat plaatsvond op 23 maart 2013 in Vorselaar. Een beetje achtergrondsinformatie over het project :Voor het tweede opeenvolgende jaar, organiseerden werknemers van praxair oevel een evenement voor de bewoners van de Troon. Ze huurden een voormalige theaterzaal in Vorsselaar, en ronselden kandidaten onder de werknemers van Praxair Oevel en Olen alsook bewoners van de Troon om Vlaamse artiesten te imiteren op het podium.
Er was zelfs een gemeenschappelijke act : Tania van De Troon en operator Stijn uit Oevel gaven het beste van zichzelf met hun imitatie van Reggie en Linda van Milk Inc., een Vlaamse muziekgroep.
Het werd een namiddag vol lachende gezichten, blijgezinde mensen, de acts waren zo goed gekozen dat ze de ganse zaal op sleeptouw namen, er werd meegezongen, de polonaises mochten ook niet ontbreken, iedereen maakte enorm veel plezier.
In totaal 90 mensen mochten hiervan genieten, en beleefden een succesvolle meezingnamiddag, een fantastische belevenis om nooit te vergeten, zowel voor Praxair werknemers, als voor de bewoners van de Troon, en de aanwezige familieleden.
Dit evenement bewijst nogmaals dat community engagement kan resulteren in blijvende vriendschap, en nog meer engagement naar de toekomst toe." (Uit de persmededeling van het bedrijf)
Samenwerking met familie en netwerk van de bewoners
De gebruikersraad blijft de interne werking in de Troon op de voet volgen: meeleven met wel en wee van de troon als geheel en van elke bewoner afzonderlijk, opvolging van de (kwaliteits)werking, het financiŽle verslag over 2012, feedback over voorbije en betrokkenheid bij nieuwe initiatieven en activiteiten van de Troon. De participatie van een vertegenwoordiging van de gebruikersraad aan de werking van de kwaliteitsstuurgroep werd aangehouden. Dit zorgt voor een betrokken opvolging van de belangrijkste thema´s van de werking. (ervaren (tijdsdruk), evenwicht draagkracht-draaglast bij begeleiding).
Aangezien Dries Nijs naar Amerika verhuisde werd er gezocht naar een nieuw contactpersoon/deelnemer voor het centraal adviescomitť in Gent. Deze werd echter nog niet gevonden.
De gebruikersraad kreeg in primeur inzage in de bij de bouwaanvraag verstuurde bouwplannen. En moet nu verder mee geduldig afwachten tot de Vlaamse overheid (vipa) met centen over de brug komt.
De gebruikersraad heeft kennis gemaakt met Koenraad Pierrť, de nieuwe directeur zorg- en leerinhouden van oc clara fey, deze volgt als vertegenwoordiger van de directie de gebruikersraad van de Troon.
Rode draad van de vergaderingen in 2013 was informatie over nieuwe initiatieven in de zorg voor personen met een handicap, in het bijzonder initiatieven waarin ook de Troon zich engageert, opnames met persoonsvolgende convenanten, rechtstreeks toegankelijke hulp, samenwerking met het dienstencentrum Sprankel! (Vorselaar), plannen voor een contactkoor.
Tijdens de vergadering van mei werden enkele overledenen herdacht (overleden maar toch nog zo aanwezig) : een bewoonster, een moeder van een bewoonster, de broer van een andere bewoonster. Dit was aanleiding voor de gebruikersraad om de wijze waarop er in de Troon met het thema afscheid nemen te evalueren. Dit wordt door de gebruikersraad als heel gepast ervaren en heel hard gewaardeerd.
Dat niet alles even vlot verloopt werd geÔllustreerd door een ander steeds weerkerend heikel punt op de vergaderingen van de gebruikersraad. Het heeft bijna een gans jaar geduurd vooraleer De Troon erin gelukt is de opgelopen achterstand met het versturen van facturen in te halen.

Uit evaluaties van de jaarlijkse familiedag en de driekoningenreceptie op de gebruikersraad, maar ook uit de resultaten van de bevraging over 2013 blijkt dat de kwaliteit van deze activiteiten heel belangrijk blijft. Gezien deze activiteiten ook door veel bewoners (op voorwaarde dat ze persoonlijk bezoek hebben) als hoogtepunten werden beleeft is het belangrijk hierop te blijven inzetten.
Als ik wil nagaan of de relaties tussen bewoners te vergelijken zijn met relaties tussen familieleden, dan kan ik niet anders dan ook kijken naar de rol die familieleden spelen in het leven van de bewoners van de Troon. De afgelopen jaren zijn er heel wat extra initiatieven opgestart om familieleden van bewoners zo nauw mogelijk bij het leven van de bewoners en bij de werking van de Troon te betrekken. In hun jaarverslag (de Troon, 2012) verwoorden ze dat zo:

"Ondersteuning wordt bij voorkeur gegeven aanvullend aan en in samenwerking met het eigen sociale netwerk. Waar de opvang van het eigen netwerk tekortschiet wordt het professionele vangnet aangesproken. Waar mogelijk zal dit het eigen netwerk steunen, versterken of herstellen. Er moet wel rekening mee gehouden worden dat er ook bewoners zijn die door leeftijd en/of levensgeschiedenis nauwelijks nog kunnen terugvallen op een eigen netwerk."

Elk jaar organiseert de Troon een familiedag. Een feest waarop alle familieleden van de bewoners worden uitgenodigd. Ook op kleinschaligere initiatieven gedurende het jaar worden de familieleden graag uitgenodigd. Zo was er in de periode van mijn veldwerk een pannenkoekenslag waarop zowel buren en sympathisanten als familie waren uitgenodigd. Zowel de dag voor de pannenkoekenslag als op de dag zelf was ik aanwezig in de Troon. De dag voordien was het dominante gespreksonderwerp bij de meeste bewoners de familie die de volgende dag ging komen. De meesten waren gelukkig en keken er enorm naar uit. Op voorhand vreesde ik voor een pijnlijk contrast tussen de bewoners met familie en diegene zonder. Uiteindelijk viel dat goed mee. Enkele bewoners werden heel vlot mee opgenomen door de familieleden en vrienden van andere bewoners. Dat was bijvoorbeeld duidelijk het geval bij S en L. In de loop van de vele jaren dat ze elkaar kennen, vergroeide ook hun familie een beetje. L werd voor een stuk opgenomen in de familie van S en vice versa. Andere bewoners zonder familiebezoek, hielpen hard mee zodat ze geen tijd hadden om zich eenzaam te voelen. Voor D is een familiedag een heel moeilijk moment, want voor haar komt er nooit familie. De dag en voormiddag voor de pannenkoekennamiddag was ze heel prikkelbaar. De hele namiddag zat ze naast mijn moeder, die voor de gelegenheid kwam helpen met het verkopen van bonnetjes. Ze was voor D op dat moment echt de vervanging voor iemand van de eigen familie.

Sommige bewoners woonden vroeger lange tijd bij hun ouders. Als het daarover gaat in gesprekken, hoor je tussen de regels door duidelijk dat ze dat het "gewone" vinden:

Vorig jaar gaf R een feest omdat ze tien jaar in de Troon woonde. In een gesprek daarover vroeg ik haar waar ze daarvoor woonde: "Daarvoor was ik gewoon nergens."

*** J werkte tot haar 56 in een beschutte werkplaats. Toen ik haar vroeg waar ze in die tijd woonde zei ze: "Ah, thuis, bij mijn ouders, natuurlijk! Toen dat die gestorven zijn, toen ben ik naar hier gekomen." Ze vond dat duidelijke een domme en overbodige vraag van mij.

Ook op gewoon alledaagse momenten, zonder aanleiding, merk je dat voor vele bewoners de eigen familie heel belangrijk is:

D gaat geregeld logeren bij "os mama", maar haar familie komt nooit op bezoek in de Troon. In haar gesprekken komt "os mama" heel vaak ter sprake. In vele kleine dingen vindt ze een link om een verhaal te beginnen vertellen over haar mama.

*** F is doofstom. Het is moeilijk voor mij om met haar te communiceren. Op een bepaald moment kom ik ze tegen op de gang en wenkt ze mij. Ze neemt me mee naar haar kamer en toont me vol trots haar familiefoto.

*** J is de meter van een bekende voetballer die tien jaar geleden behoorlijk belangrijk was voor ons nationaal elftal. Telkens als er nieuwe mannen langskomen (bv. stagiairs) pakt ze daar graag mee uit. Ze is duidelijk heel trots op haar familie. "Weet ge van wie ik meter ben?" En dan begint haar verhaal.

Miet
Vermaatschappelijking van de zorg
Niet alleen via (structurele) samenwerking met het dienstencentrum worden nieuwe stappen gezet voor vermaatschappelijking van de zorg. Vanaf juni verkreeg de Troon erkenning voor rechtstreeks toegankelijke hulp waarmee zowel naar volwassenen als naar minderjarigen met het een beperking geÔndividualiseerde zorg op maat kan worden geboden (mobiele en/of ambulante ondersteuning, dagopvang)

Als voorziening voor personen met een handicap is de Troon binnen de rog sub(regio)werking (herentals) samen met de andere vaph-voorzieningen heel geŽngageerd om de doelstelling om voor alle zorgvragers uit de eigen zorgregio passende, vraaggestuurde hulp te bieden op termijn mee te realiseren.
Binnen de eigen gemeente (Vorselaar) heeft de Troon via aanwezigheid in het dorpsleven, via actieve betrokkenheid en particapatie aan het ocmw-dienstencentrum (Sprankel!), de cultuurraad, het welzijnsplatform, een (h)erkende plaats gekregen. Naar andere gemeenten binnen de eigen regio moet er nog verder getimmerd worden aan deze weg.
Natuurlijk kan een kleine voorziening als de Troon niet aan alle (zorg)vragen tegemoet komen. In dit kader is bekendheid met de gehandicaptenzorg in de (ruime) regio en met de werking van de zorgregie in het bijzonder een belangrijke factor om vraagstellers op pad te zetten naar een aangepast antwoord op hun zorgnoden. De schaarste aan opvangmogelijkheden en de administratieve mallemolen die hiertoe doorlopen moet worden maakt dat hier veel tijd en energie moet aan besteed worden. Gelukkig kan er af en toe succes ervaren worden aan volgehouden inspanning. Wat dan weer energie biedt om ook voor andere zorgvragers te blijven streven dat ze de hulp krijgen waar ze naar vragen/recht op hebben.

Ook zorg voor minderjarigen
De zorgafstemming binnen de provincie Antwerpen noodzaakt op termijn belangrijke verschuivingen van zorgaanbod binnen de provincie. In de Kempen zijn er nauwelijks (vaph)voorzieningen voor minderjarigen. Via de samenwerking met oc Clara Fey vindt de Troon het een van haar opdrachten hieraan tegemoet te komen door naar de toekomst toe na te gaan hoe er tegemoet kan gekomen aan vragen van minderjarigen met een beperkingen (en hun netwerk).
Gezien de huidige werking van de Troon (gezinsvervangend voor een overwegend ouder publiek) is dit voor De Troon helemaal nieuw. Dit noodzaakt om hiervoor nieuwe wegen te bewandelen, nieuwe werkvormen en methodieken te leren en/of te ontwikkelen. Biedt ook de kans om deze helemaal op maat van zorgvragers uit te werken.

Op 5 december organiseerde de Troon in samenwerking met Magenta (Leuven) een info-avond voor ouders van jonge zorgenkinderen. Het Magenta-project ontstond op initiatief van Noor Seghers. Zij is moeder van een zorgenkind en heeft zelf veel geleerd uit een managementbenadering en voorbeelden van andere ouders. Binnen de onderzoeksgroep heeft ze een project die ze in samenwerking met professor Bea Maes uitvoert : Magenta; "zorg-werk-leven balans voor ouders met een zorgenkind". Een info-avond ter voorbereiding op workshops, waar heel concreet wordt gewerkt rond de zorg-werk-leven-balans.

Deze info-avond zal in 2014 vervolgd worden met een tweedaagse workshop voor dezelfde doelgroep (ouders van jonge zorgenkinderen).

ADMINISTRATIEF - LOGISTIEK
De samenwerking met de keuken van OC Clara Fey met betrekking tot de voedselvoorziening blijft goed lopen dankzij goede afspraken en wederzijds begrip. Dit blijft een duidelijk voorbeeld van hoe het samenwerken met een grotere voorziening voor een kleinschalige instelling voordeel kan bieden. Inspelend op het individualiseren van de zorg en het verouderen van bewoners worden de maaltijden meer en meer op maat van de vraagstelling van de bewoners bereid. Gezonde voeding en gepast inspelen op de diverse (gezondheids)doelen van de bewoners is de standaard geworden in de maaltijdbereiding.
De samenwerking met de administratieve en technische diensten van OC Clara Fey zijn er een andere illustratie van.

ACCOMMODATIE
"hopelijk wordt er in 2014 Snel gestart met de nieuwbouw"
Het engagement om de accommodatie aan te passen aan de toegenomen populatie is duidelijk en definitief. Er wordt doorgewerkt met de plannen voor uitbreiding en aanpassing. In afwachting van de realisatie van de uitbreiding is en blijft het een opgave goed met de huidige ruimtes om te gaan. Er zijn voorbeelden van goede praktijk waarbij blijkt dat gedisciplineerd goede afspraken opvolgen positieve resultaten oplevert. Deze moeten volgehouden en uitgebreid worden.
In de loop van 2013 werden alle noodzakelijke formaliteiten vervuld in functie van subsidie-aanvraag bij vipa voor de noodzakelijke ver(nieuw)bouw. Het blijft nu alleen te wachten tot wanneer vipa de middelen toekent om zo vlug mogelijk met de werken te kunnen starten.

DE TROON: Een huis in beweging
"De Troon wil juist het tegengestelde van angst bieden: goedheid, geborgenheid en zekerheid in een familiale sfeer."
(zuster Aleydis )

Tijdens mijn aanwezigheid in de Troon werd me al snel duidelijk dat de indeling van ruimtes en hoe die gebruikt worden veel bijdraagt aan de werking van de Troon. De interacties tussen bewoners onderling en bewoners en personeel vinden plaats in bepaalde ruimtes. Sommige interacties kunnen zelfs enkel plaats vinden omdat de ruimtes ingedeeld zijn zoals ze nu zijn. In dit hoofdstuk beschrijf ik vanuit de visie van de stichteres van de Troon enkele architecturale keuzes en op welke manier die een invloed hebben op het dagelijkse leven. Om dit ook visueel duidelijk te maken, heb ik samen met Peggy, een kunstzinnige bewoonster van de Troon een plattegrond gemaakt (zie bijlage). Bij verwijzingen in de tekst, zal de plattegrond meer duidelijkheid bieden.

Zuster Aleydis had een duidelijke visie op de Troon. Toen ze via een schenking een oude hoeve kreeg, werden de hoeve en de schuur respectievelijk verbouwd tot klooster en kapel. Op hetzelfde domein was er ruimte voor een nieuw gebouw voor de Troon. Via duidelijke opdrachten aan de architecten liet zuster Aleydis een gebouw zetten dat haar visie helemaal uitdraagt. Centraal in die visie staat het streven naar een evenwicht tussen het garanderen van persoonlijke ruimte voor elk individu en het creŽren van voldoende (ruimtelijke) mogelijkheden voor gemeenschapsvorming:

"Het nieuwe tehuis wordt gebouwd vanuit een welbepaalde visie op 'gemeenschap' en op de persoonlijkheid van elke bewoner. De gemeenschap biedt steun en materiŽle hulp, er is een gezamenlijke eetzaal en een living, een wasserij, een ontspanningsruimte enz. Elke bewoner heeft bovendien een beperkte leefruimte met klein sanitair en een zit- en slaapkamer. Zo'n eigen kamer heeft een binnendeur die via de gang toegang geeft tot de gemeenschappelijke plaatsen. Maar er is ook voor iedereen een eigen 'buitendeur', naast de gemeenschappelijke ingang. Verder is er bewust gekozen voor laagbouw: trappen of een lift schrikken de meeste gehandicapten af, en de Troon wil juist het tegengestelde van angst bieden: goedheid, geborgenheid en zekerheid in een familiale sfeer." (de troon, sd)

Ruime kamers
In de Troon beschikt bijna elke bewoner over een ruime kamer met sanitair en een zit- en slaapkamer. Zo heeft iedereen voldoende ruimte om een plek in te richten die helemaal van hen is. Bewoners kunnen er wanneer ze maar willen even alleen zijn. De kamers zijn wel ruim, dus zijn ze ook geschikt om met enkelen te zitten. Zo zitten sommige bewoners heel vaak bij anderen op de kamer of kunnen ze hun bezoek persoonlijk op hun eigen kamer ontvangen indien ze dat wensen. Hoewel het de bedoeling is om samen in de eetruimtes te eten, kunnen enkele bewoners er ook voor kiezen om alleen te eten in hun kamer. Momenteel zijn er nog enkele kamers die geen eigen sanitair hebben. Bij de een geplande verbouwing wordt dat opgelost en krijgt elke kamer een eigen sanitair. In de Troon heeft elke bewoner een eigen plekje. Het personeel stelt alles in het werk om de bewoners optimaal comfort te geven in hun eigen kamer. Daarvoor worden vele kleine, maar soms ook ingrijpende maatregelen getroffen. Zo werd in de kamers van twee vrouwen in een rolstoel de muur tussen de zit- en slaapkamer en het toilet uitgebroken, opdat ook deze vrouwen gebruik konden blijven maken van hun eigen sanitair.

Twee deuren
Elke kamer heeft twee deuren. Eťn deur geeft uit op de gang en leidt zo naar de gemeenschappelijke ruimtes. De andere deur leidt naar buiten en vormt zo de persoonlijke voordeur van de bewoner. Zo heeft elke bewoner ook een eigen stukje buiten. Enkele bewoners richten hun stukje buiten bijvoorbeeld in met een tuintafel en stoelen zodat ze bij goed weer gezellig buiten kunnen zitten of zelfs op hun eigen terras kunnen eten.

Gemeenschap
Sinds enkele jaren zijn de bewoners van de Troon opgedeeld in twee leefgroepen, om met het toenemende aantal bewoners kwaliteit van zorg te blijven garanderen. Ook de begeleiding is (voornamelijk) verantwoordelijk voor de bewoners van ťťn van de twee groepen. Elke groep heeft een eigen leefruimte. Groep 1 heeft een leefruimte waarin zowel de eetruimte als de living verwerkt zijn. De bewoners van groep 2 hebben een afzonderlijke eetruimte en living. Die opdeling wil echter absoluut niet zeggen dat de bewoners leven in twee verschillende werelden. Bewoners van de ene groep zie je tussendoor ook geregeld in de leefruimte van de andere groep. Bovendien is de allerbelangrijkste gemeenschappelijke ruimte misschien wel de gang en die is van iedereen. Bijna alle kamers komen uit op dezelfde gang. En op die gang vindt heel wat interactie plaats en niet enkel tussen bewoners. Personeelsleden en bezoekers die zich parkeren op de parking, komen logischerwijs binnen langs deur 1 (zie bijlage). Het personeel moet vervolgens heel de gang door, gaat dan meestal door de eetruimte, langs de andere gang naar de begeleidingsruimte waar ze moeten intekenen bij de aanvang van hun shift. Op die manier hebben ze onmiddellijk iedereen gezien. Telkens ik ging observeren kwam ik s morgens mee met mijn vader. En elke keer deed hij dat zelfde traject, waardoor hij (en ik dus ook) s ochtends onmiddellijk alle bewoners gezien heeft.

Laagbouw
Heel de Troon bevindt zich op de gelijkvloers. Aangezien een deel van de bewoners minder mobiel is, is dat op zich al zeer praktisch. De louter praktische toegankelijkheid was voor zuster Aleydis echter niet de enige reden om voor een gelijkvloers gebouw te kiezen. In haar visie beschrijft ze ook dat veel mensen met een verstandelijke handicap bang zijn van trappen en liften en ook daarom was een plat gebouw de beste optie.

Werken en leven
Verspreid over de Troon zijn er zes plaatsen voor het personeel: het bureau van de administratieve medewerker, het bureau van de coŲrdinator, het lokaaltje van de begeleiding, het bureau van de activiteitenbegeleider, de wasserij en de slaapkamer voor de begeleider die de nacht heeft (zie bijlage). Elk van deze ruimtes geeft rechtstreeks uit op een gemeenschappelijke ruimte of op de gang. En van de meeste ruimtes staat de deur altijd open, letterlijk. Dat ruimtelijke element heeft een grote invloed op hoe bewoners en personeel samen leven in de Troon

3. VORMINGSBELEID

De missie van de Troon, het bieden van levenslange zorg, impliceert dat we antwoorden moeten vinden voor alle (nieuwe) uitdagingen. Zowel de individuele zorgvragers als de overheid blijven evolueren en differentiŽren in de verwachting tav zorgverstrekkende voorzieningen. Een aangepast vormingsbeleid is hierbij noodzakelijk.

Intern kan men leren van elkaar. Een van de belangrijke aspecten van de samenwerking met OC Clara Fey is dat we er een beroep kunnen doen op diverse specialisten zodat er onder de vorm van on-the-job training nieuwe vaardigheden geleerd kunnen worden. Een lerende organisatie in de praktijk gebracht.

Voor een aantal themas, van heel verscheidene aard, werd extern deelgenomen aan vormingen:

- van moeilijke eters tot voedingsproblemen
- Inclusiecongres (het grote plein; samen met bewoners)
- Vrijheidsbeperkende maatregelen en middelen
- Rechtstreeks toegankelijke hulpverlening (vaph)
- Autisme ( ziekenzorg cm)
- Competentie- en talentgericht je team leiden (handicum)
- Infosessie de stem van ons geheugen (koor en stem)
- Symposium sen-city (sint oda, vzw stijn)
- Samen ontwikkeling van eigenaarschap (voca)
- Studiebezoek aan MariŽndaele (Dadizele), ifv vermaatschappelijking van de zorg en rechtstreeks toegankelijke hulp
- Dementie bij personen mt een verstandelijke handicap
- Vakantieparticipatie
- Voorlezen met toeters en bellen
- Symposium sen-seo
- Ondersteuning van de omgeving bij een naderend levenseinde (pnat turnhout)
- Congres dementie en empowerment

Er werd ook vorming, intern en op maat van de Troon georganiseerd :

- Rugscholing - Mentoren-opleiding, begeleiding en coachen van stagiairs (hivset)

Uit vroegere evaluaties nav confrontatie met de eindigheid van het leven blijkt dat niet zozeer de kennis ontbreekt maar wel ervaring en/of emotionele weerbaarheid. Daarop ingaand en voortbouwend werd creatief verder gezocht naar ervarings(/vormings)momenten die hier aandacht aan schenken.

Het zijn lang niet altijd de (duurste) externe vormingen die de beste resultaten halen. Alert zijn, voorvallen, bestaande literatuur en/of beeldfragmenten een werkbezoek, zijn minder duur of omslachtig maar vaak veel meer op maat. Meer dan de voorgaande jaren werd in 2012 ingezet om opgedane informatie met elkaar te delen.

De combinatie van een personeelsbeleid die erin lukt om mensen langer aan de Troon te binden met een actief vormingsbeleid waarbij getracht wordt binnen de Troon aansluiting te houden bij de actuele ontwikkelingen zorgt ervoor dat de Troon mbt thematieken eigen aan (de werking) van de Troon (zowel bewonersgerichte, zoals ouderwordende populatie en de vele verlieservaringen als organisatiegerichte, hoe kun je zoveel mogelijk de kwaliteiten van het personeel laten renderen?) een grote expertise heeft ontwikkeld.

4. PASTORAAL-ETHISCH BELEID
Gelukkig is de mens die tot op het einde
handen mag voelen die goed doen.
De hand die met aandacht wast.
De hand met zorg aankleedt.
De hand die met tact aanraakt.
De hand die met het hart troost.
Geen mens kan leven
zonder die hand,
die teder is,
die behoedt,
en bemoediging uitstraalt.
Tot het einde toe
verlangt de mens naar die hand,
totdat er die Andere Hand is,
die alle wonden geneest,
die alle pijn heelt,
die alle tranen wist.
Tot die tijd
kunnen onze handen
een voorproef zijn van die handen,
en handen en voeten geven
aan de liefde die onmisbaar is.

Marinus van den Berg
Samen met de uitbreiding van de populatie is de diversiteit in (geloofs)overtuiging sterk toegenomen. Respectvol omgaan met ieders mening is en blijft belangrijk. Dit geldt zowel voor de bewoners die blijven kiezen voor hun (traditionele) geloofsbeleving als voor bewoners die niet of anders gelovig zijn. Door toenemende zelfbepaling, keuzemogelijkheid en afstemming blijven bewoners in diverse richtingen evolueren. Het blijft een opdracht in te spelen op (soms wisselende) verwachtingen van bewoners. Voor enkele bewoners betekent dit dat ze afstand nemen van de traditionele geloofsbelevenis zoals die hen voorheen werd voorgeleefd. Maar evengoed stellen we vast dat er bewoners zijn die op eigen initiatief opnieuw teruggrijpen naar deze traditionele geloofsbelijdenis. De confrontatie met eigen of andermans eindigheid is hiertoe regelmatig de concrete aanleiding. Het is en blijft een begeleidingsopdracht hierop gepast en geÔndividualiseerd in te spelen.
Op ethisch vlak daagt de confrontatie met de eindigheid van het leven iedereen uit rond thema´s van menswaardige zorg, verzachten van het lijden, (al dan niet gelovig) afscheid nemen van het leven. Met de bewoners en/of hun netwerken blijven we hierover in gesprek en wordt er blijvend gepraat over (verfijning van) hun verwachtingen. Het is ook nodig dit thema bij de medewerkers actueel te houden.

Tegen de algemene maatschappelijke trend in blijft de Troon streven en zoeken naar zingeving en duiding. Waar nodig onuitgesproken, waar mogelijk uitgesproken, wordt er in de bejegening en zorg voor de bewoners gestreefd naar de realisatie van Gods liefde in mensenmaat en door mensenhanden. Het is opvallend dat op cruciale momenten ook bij de bewoners van de Troon gemakkelijk teruggrepen wordt op religie in diverse vormen.

5. KWALITEITSBELEID

De Troon is een kleine organisatie met geringe middelen. Kwaliteitszorg, in de zin van voortdurend streven naar de optimale kwaliteit van leven voor iedere individuele bewoner, is de kernopdracht en de voornaamste bekommernis. Kwaliteitszorg als onderwerp van de kwaliteitsstuurgroep (en het kwaliteitshandboek) gaat over hoe zorg georganiseerd wordt zodat deze maximaal tegemoet komt aan de aangeboden zorg voor iedere bewoner. Geen doel op zich maar noodzakelijk om optimale zorg (kwaliteit van leven) te kunnen bieden.

De Troon profileert zichzelf als een organisatie die voor de geÔndividualiseerde zorg voor iedere bewoner hoog wil scoren. Doorheen de jaren was het duidelijk geworden dat de Troon op het niveau van de organisatie zwakker scoort. Gemaakte afspraken en procedures en de opvolging ervan kan en moet meer geformaliseerd gebeuren. Dit blijft voor de Troon een opdracht. Hierin is de kwaliteitsstuurgroep een belangrijk instrument. Een goede organisatie van de zorg gedragen door alle betrokkenen (zowel het personeel als bewoners- en gebruikersvertegenwoordigers) bleef het nagestreefde doel. Zeker in 2013 bleef het zoeken naar een werking die de deelnemers van de kwaliteitsstuurgroep voldoende uitdaging biedt om het boeiend te blijven vinden. Er moet evenwicht gevonden tussen het zoeken naar kwaliteitsvolle oplossingen voor wat er elke dag op hen afkomt en (projectmatig) werken aan meer structurele oplossingen. Alle in de Troon werkende personeelsleden zijn bewonersgericht. Gezien deze bewoners binnen de werktijd permanent aanwezig zijn, is het voor begeleiders niet steeds makkelijk hiervoor tijd te maken zonder het gevoel te hebben bewoners tekort te doen.

Door het nieuwe kwaliteitsdecreet van de overheid kregen we de afgelopen twee jaar de tijd om de kwaliteitswerking van de Troon hieraan te laten aansluiten. Nog meer als voorheen lag de uitdaging erin om tegen eind 2013 zelf een (beheersbare) manier te vinden om de eigen werking op zijn kwaliteiten te evalueren. Het heeft nog geduurd tot eind februari 2014 vooraleer dit gelukt is.

Voor de (zelf)evaluatie werd gebruik gemaakt van de beschikbare informatie over 2013, de gegevens die ook in dit jaarverslag opgenomen zijn, de analyse van het klachtenregister, de opeenvolgende verslagen van de kwaliteitsstuurgroep, de (eigen) kwaliteitsaudits. Bovendien werden begin 2014 alle bewoners en personeelsleden bevraagd over 2013.

Ieder kreeg 3 vragen :

1. Wat was voor jezelf in de Troon het absolute hoogtepunt van 2013?
2. Welke zaken die zich in 2013 voorgedaan hebben mogen in 2014 gerust herhaald worden?
3. Van welke gebeurtenissen uit 2013 hoop je dat ze zich in 2014 niet zullen herhalen?

Zowel bij de bewoners als het personeel leverde deze bevraging duidelijke en bruikbare informatie op om 2013 en de accenten van de werking te evalueren en om voor 2014 duidelijke doelen te stellen.
"Voor een bewoner was het hoogtepunt van 2013 : met mijn nieuwe fiets over de brug van Beerse gefietst"
"Een droom kunnen verwezenlijken"

"Een andere bewoner vermelde het regelmatige bezoek aan haar broer, in het rusthuis en na zijn overlijden op het kerkhof"

"Deelgenoot zijn van lief (nav geboorte of een feest in de familie) en leed ( rusthuisbezoek bij mama of nav een overlijden) in de familie"

"Een (soms groots) verjaardagsfeest samen met medebewoners en (vooral) de eigen familie"
"een goede gezondheid"

"Hoogtepunt : de ganse familie samen in de Troon voor familiegesprek en aandacht/bekommernis om mij"

"Ik hoop dat in 2013 mijn nonkel niet meer ziek is"

"Gaan winkelen samen met een begeleider"


"Hopelijk maak ik in 2014 niet opnieuw een pijnlijke val waarvoor ik achteraf lang moet herstellen en revalideren"

"Ik hoop dat in 2014 mijn vriendin nog regelmatig op bezoek mag komen en/of dat er voor ons beiden uitstappen worden gepland"

"Begeleiders die met mij meegaan naar de plaatsen waar ik graag kom (kapel in duffel, graf van herman wijns) en dan de uitstap afsluiten bij mijn zus"

"Af en toe worden mijn nageltjes gelakt"

"Ik kreeg in 2013 een fijne nieuwe job (in het gemeentehuis)"

"Hopelijk kan ik in 2014 uit het ziekenhuis wegblijven" "op vakantie gaan"

"Nog vele bezoeken van en aan mijn zus"

"het familiefeest van mijn familie waar ik naartoe mag gaan"

"Ik hoop dat er niemand van onze familie sterft"

"Het optreden van poco a poco in hasselt, omdat een aantal bewoners en een begeleidster naar mij zijn komen luisteren"
De bewoners refereren voor het positieve overwegend naar activiteiten in de Troon. Er waren 130 zaken aangegeven. 35% hadden betrekking op (opvallend vaak) alledaagse, dus heel vaak terug weerkerende activiteiten, tot meer speciale, 30 % op zaken die te maken hebben met de eigen familie of het netwerk (30%). Ook kansen om zichzelf te realiseren (8%), vakantie (8%), eigen gezondheid en goede zorg in de Troon (5%) en materiŽle zaken (4%) worden meerdere malen aangehaald als heel belangrijk. In aantal worden er veel minder negatieve zaken (waarvan de bewoners zeggen te hopen dat ze zich niet zullen herhalen) aangehaald. Van de in totaal 35 vermeldingen waren er 28% die eigen gezondheidsproblemen, 17 % het overlijden van een medebewoner of iemand uit de eigen familie, 17% de drukte en/ruzies en conflicten met medebewoners willen vermijden. 14 % wil problemen in of met eigen familie of netwerk vermijden en 11 % activiteiten die niet beantwoordden aan de verwachtingen.
"De familiedag was het hoogtepunt van 2013, omwille van de samenwerking en omdat de bewoners van deze dag genieten"

"Opstart rechtstreeks toegankelijke hulp " De verwenweek De leuke ontvangst toen ik terug kwam werken, fijn om te ervaren dat je gemist bent geweest"

"De kleine zaken van alledag mogen, kunnen doen samen met bewoners : samen de kamer poetsen, samen een wandelingetje doen of gewoon een babbeltje"

"De knuffels van C"

"De leuke anekdotes en voorvallen van en met de bewoners"

"de opname van een nieuwe bewoner, in het belang van de persoon zelf

"Dromen van ons mensen in vervulling brengen"

"Ook in moeilijke omstandigheden een goed team"

"activiteiten in de Troon (verwenkoffies, naar fotos kijken, spelen op de wii, voorlezen) "

"begrip voor collegas die ziek zijn doet deugd"

"Hilde die op een dag buiten in het zonnetje zat was voor mij het absolute hoogtepunt van 2013"

"Dagelijkse, huishoudelijke momenten, kleinere dingen van de dag"

"gezelligheid creŽren"

"Eens een jaar zonder sterfgeval"

"De nieuwe wasmachine en droogkast"

"Dat een aantal mensen van begeleiding spontaan een tandje bijsteken als er problemen zijn bij logistiek"

"Organisatie van de begrafenisviering van Bea.Hopelijk niet nodig in 2014. Maar wel heel mooi"
Het valt op dat 6/16 personeelsleden als hoogtepunt van 2013 de intensiteit van de zorg en de samenwerking onder het personeel bij palliatieve zorg en/of overlijden van een bewoner aangeven. 4/6 refereren naar de lach, knuffel, dankbaarheid van bewoners, kleine anekdotes met bewoners, de goede sfeer in de Troon. Ook als personeel het Troonfeest als hoogtepunt vermeld is dit omwille van de deugd die bewoners eraan ervaren en omwille van de ervaren collegialiteit. Dit weerspiegeld zich ook in de antwoorden op de vragen naar wat er in 2014 herhaald mag worden. Er worden (bijna) 3x maal meer bewonersgerichte zaken opgenoemd dan personeelsgerichte.
Op de vraag naar wat zich in 2014 best niet herhaald wordt valt het op dat hierbij problemen voor teamsamenwerking (ziekteverzuim, onderlinge conflicten, vergaderefficiŽntie, betrokkenheid bij beleid,) aangehaald worden.
Daarnaast toch ook een aantal opmerking ivm materiŽle hulpmiddelen, hulpmiddelen (in 2013 ging het over wasmachine en droogkast) moeten betrouwbaar werken, de te beperkte middelen (personele en accommodatie)

Alle input heeft geleid tot een prioritering en actieplan voor de (kwaliteits)werking 2014 in de Troon :

1. Integratie van de visie over quality of life (shalock) in de zelfevaluatieprocedure van de Troon
2. Organisatie en onderlinge afstemming van de activering van bewoners
3. Verder concretiseren van een Talentgerichte personeelswerking
4. Verder formalisering van de werking van de Troon via verder concretiseren van de functie van groepsverantwoordelijke en via verdere formalisatie van andere overlegstructuren
5. Continue bewaking van het (broze) evenwicht tussen draagkracht en draaglast, zowel op individueel als op organisatieniveau
6. Haccp (en andere veiligheidsregels) blijvend actueel en levendig houden

6. FINANCIEEL BELEID

DE TROON
Met het oog op de nakende ver(nieuw)bouw blijven we heel zorgzaam omgaan met de (schaarse) middelen.

BEWONERS EN HUN FINANCIňLE MIDDELEN
De subsidiŽrende overheid voorziet voor bewoners in het stelsel tehuis voor werkenden een (relatief) hoog gewaarborgd zakgeld. Keerzijde van deze medaille is dat we als voorziening weinig subsidie krijgen voor activiteiten. De overheid gaat er van uit dat de bewoners deze zelf bekostigen. Hierover werden waar nodig met iedere voorlopige bewindvoerder concrete afspraken gemaakt. Leidraad hierbij is de financiŽle draagkracht.
De tendens dat de bewoners van de Troon meer en meer gebruik maken van hun eigen middelen, niet alleen voor een aantal kwalitatieve activiteiten, maar tevens voor (meerdere) vakanties, kledij, voor een gepersonaliseerde kamerinrichting, zet zich door.
Voor diegenen die hiertoe over voldoende middelen beschikken is dit (heel) belangrijk om hun eigen leven meer kleur te geven. Voor enkele minder gefortuneerde bewoners houdt dit een bijzondere begeleidingsopgave in: leren leven met (bijkomende) financiŽle beperkingen. Maar ook voor deze bewoners dient er toch voldoende (ook door hen zo ervaren) levenskwaliteit georganiseerd te worden!
Een hele dure post voor bewoners is vervoer. Zij zijn vaak afhankelijk van externe vervoersdiensten. Zeker voor rolstoelafhankelijk bewoners en/of op moeilijke tijdstippen (avond, nacht, weekend) vormen te dure vervoerskosten een hinderpaal voor inclusieve deelname aan het sociaal leven. Daarom juicht de Troon toe dat in 2013 diverse overheden (ocmw vorselaar, provincie in samenwerking met welzijnszorg kempen) hiertoe bijkomende initiatieven nam.

 

Valid HTML 4.01 Transitional   Valide CSS!